Selectiebeslissing onderbouwen: van onderbuik naar data
De sterkste selectiebeslissing combineert interviewscores, assessmentresultaten en 360 feedback op dezelfde competenties. Leer hoe je van onderbuik naar data gaat.
Samenvatting
- De sterkste selectiebeslissing combineert meerdere databronnen op dezelfde competenties: interview, assessment, 360 feedback en skills.
- Elke bron meet iets anders: het interview meet beschreven gedrag, het assessment meet aanleg, de feedback meet ervaren gedrag, skills meten aantoonbare vaardigheden.
- Vergelijkbaarheid ontstaat als alle bronnen dezelfde competenties en gedragsindicatoren gebruiken. Dan kun je per competentie een totaalbeeld opbouwen.
- Een onderbouwde selectiebeslissing is niet alleen beter, maar ook verdedigbaar en transparant naar stakeholders.
Waarom de selectiebeslissing onderbouwen?
De meeste selectiebeslissingen worden genomen op basis van een combinatie van CV, gesprek en onderbuikgevoel. Dat werkt soms, maar het is niet reproduceerbaar, niet vergelijkbaar en niet verdedigbaar.
Onderbouwen betekent niet dat je het menselijke oordeel vervangt door data. Het betekent dat je het menselijke oordeel aanvult met data. De hiring manager beslist nog steeds, maar de beslissing is gebaseerd op meer dan een indruk.
De business case is helder: een verkeerde aanname kost 50% tot 200% van het jaarsalaris aan directe en indirecte kosten. Een beter selectieproces verkleint dat risico. Schmidt & Hunter toonden aan dat de combinatie van cognitieve tests en gestructureerde interviews een voorspellende validiteit van .63 bereikt, tegenover veel lagere waarden voor CV-screening en vrije gesprekken.
Vier databronnen, een competentieprofiel
De kracht zit in het combineren van bronnen die elk iets anders meten, maar dezelfde taal spreken.
- Gestructureerd interview: de interviewer scoort hoe de kandidaat gedrag beschrijft in werksituaties. Dit meet zelfgerapporteerd gedrag op gedragsindicatoren.
- Assessment: gevalideerde instrumenten meten aanleg (capaciteiten, persoonlijkheid) en potentieel. Dit meet wat iemand kan en waar iemand energie van krijgt.
- 360 feedback: collega's en leidinggevenden scoren hoe ze het gedrag van iemand ervaren. Dit is vooral relevant bij interne kandidaten of doorstroom.
- Skills validatie: vaardigheden worden gevalideerd door collega's of via certificeringen. Dit meet wat iemand aantoonbaar beheerst.
Elke bron heeft blinde vlekken. Een interview meet wat iemand zegt, niet wat iemand doet. Een assessment meet potentieel, niet ervaring. Feedback meet perceptie, niet intentie. De combinatie compenseert de blinde vlekken van elke individuele bron.
Vergelijkbaarheid: dezelfde meetlat
Bronnen combineren werkt alleen als ze dezelfde taal spreken. Als het interview "samenwerking" meet en het assessment "teamgerichtheid", zijn de scores niet vergelijkbaar.
De oplossing is een gedeeld competentiemodel. Elke competentie heeft gedragsindicatoren. Het interview scoort op die indicatoren. Het assessment meet dezelfde competenties. De feedback vraagt naar dezelfde gedragingen.
Per competentie ontstaat dan een profiel: hoe scoort de kandidaat vanuit het interview (zelfgerapporteerd gedrag), vanuit het assessment (aanleg en potentieel), en vanuit de feedback (ervaren gedrag)? Drie perspectieven op dezelfde competentie.
Dit is geen theorie. Het werkt als het datamodel het ondersteunt. Als alle scores zijn gekoppeld aan dezelfde gedragsindicatoren, zijn ze direct vergelijkbaar in een talent matching profiel.
Van scores naar matching
Talent matching vergelijkt wat de functie vraagt met wat de kandidaat meebrengt. Bij werving werkt dat op vier dimensies.
- Aanleg: past de persoonlijkheid en het cognitief niveau bij wat de functie vraagt? Data uit het assessment.
- Gedrag: vertoont de kandidaat het gedrag dat de functie vraagt? Data uit interview en feedback.
- Cultuur: past de kandidaat bij de organisatiecultuur? Data uit cultuurmeting en assessment.
- Skills: beheerst de kandidaat de vaardigheden die de functie vraagt? Data uit skills validatie.
De matchingscore is geen eindoordeel. Het is een samenvatting die de hiring manager helpt om een geïnformeerde beslissing te nemen. De score laat zien waar de kandidaat sterk is en waar de aandachtspunten liggen.
Kandidaten vergelijken
Als meerdere kandidaten dezelfde stappen hebben doorlopen, zijn ze vergelijkbaar op dezelfde criteria. Dat maakt de keuze transparant.
Per competentie kun je zien hoe kandidaten scoren vanuit verschillende bronnen. Kandidaat A scoort hoog op samenwerking in het interview maar gemiddeld in het assessment. Kandidaat B scoort gemiddeld in het interview maar hoog in het assessment. Dat zijn verschillende profielen met verschillende implicaties.
De vergelijking is niet alleen nuttig voor de selectiebeslissing, maar ook voor de onboarding. De aandachtspunten uit het selectieproces zijn direct bruikbaar als ontwikkelthema's in de eerste maanden.
Verdedigbaarheid en transparantie
Een onderbouwde selectiebeslissing is verdedigbaar. Je kunt aan stakeholders uitleggen waarom je voor kandidaat A hebt gekozen en niet voor kandidaat B. Dat is belangrijk bij interne doorstroom, bij functies met meerdere stakeholders, en bij diversiteitsbeleid.
Transparantie werkt ook richting de kandidaat. Bij een afwijzing kun je inhoudelijke feedback geven: "Je scoorde sterk op analytisch vermogen, maar we zochten meer ervaring met stakeholder management." Dat is respectvol en versterkt het werkgeversmerk.
Voor de organisatie levert het ook leereffecten op. Als je over tijd bijhoudt welke profielen succesvol zijn in welke functies, kun je het selectieproces continu verbeteren.
Veelgestelde vragen
Is dit niet te veel voor elke vacature?
Niet elke vacature heeft vier databronnen nodig. Voor operationele functies volstaat een gestructureerd interview. Voor leidinggevende en strategische functies is de combinatie met een assessment waardevol. De investering moet passen bij het risico van een mismatch.
Hoe voorkom je dat data het menselijke oordeel vervangt?
Data vervangt het oordeel niet, het informeert het. De hiring manager beslist nog steeds. Het verschil is dat de beslissing gebaseerd is op meer dan een indruk. De data laat zien waar de kandidaat sterk is en waar de aandachtspunten liggen.
Werkt dit ook bij interne kandidaten?
Juist bij interne kandidaten is het waardevol. Je hebt meer data beschikbaar: 360 feedback, prestatiedata, skills validatie. De combinatie geeft een completer beeld dan bij externe kandidaten.
Gerelateerde artikelen
- Selectiemethoden: wat werkt echt?: 85 jaar onderzoek naar welke selectiemethoden werkprestatie voorspellen.
- Werving en selectie: Het complete wervingsproces van vacature tot aanname.
- Gestructureerd interview: STAR-methode met meetbare scores.
- Talent matching: De interne marktplaats voor functies en talent.
- Assessment: Wat het is en wanneer je het inzet.
Gerelateerde modules
Volgende stap
Wil je dit vertalen naar de praktijk? Bekijk hoe Talensa rolprofielen, meten en ontwikkeling met elkaar verbindt.
